De naam “De Zes” is ontstaan op een British Designer Show 1986, puur omdat hun namen internationaal: Dries van Noten, Ann Demeulemeester, Dirk Bikkembergs, Walter Van Beirendonck, Dirk Van Saene en Marina Yee, moeilijk uit te spreken waren. Zij speelden echter wel een sleutelrol in het op de kaart zetten van Antwerpen/België als modecentrum. In dit boek brengt romanschrijver Oscar van den Boogaard hun opkomst en onderlinge dynamiek in kaart, gebaseerd op persoonlijke gesprekken met de ontwerpers. Hun herinneringen en ervaringen worden samengevlochten tot een bijzonder en meeslepende groepsbiografie.
De omslag is meteen opvallend en uniek: een stijlvolle zwarte hardcover met strak geplaatste witte letters. Daarnaast is er een extra, gedeeltelijk losse cover toegevoegd, waarop een zwart-witfoto van de Zes uit die tijd te zien is, echt uniek
Dit exclusieve boek wordt onderverdeeld in 14 hoofdstukken:
Personages; Voorwoord; De Reünie (2024); Naar Antwerpen (1957-1977); De Academie (1977 – 1981); Op eigen benen (1981 – 1985); De doorbraak (1986 – 1988); Guerrilla (1988); Supernova (1988-1993); Hoe van het een het ander kwam (1993 – 2024); Bloemen voor Marina (2025); Nawoord; Dankwoord; Over de auteur.
In 1986, tijdens de British Designer Show, werden ze min of meer toevallig ontdekt. Omdat hun namen moeilijk uit te spreken waren, riep iemand spontaan: “Come up and see the Six from Antwerp!” Zo ontstond de naam die hen voorgoed zou verbinden. De Zes: Ann Demeulemeester, Dirk Bikkembergs, Dirk van Saene, Dries van Noten, Marina Yee en Walter van Beirendonck, waren studiegenoten en vrienden, geen collectief dat samen creëerde. Toch deelden ze een visie, die de modewereld veranderde, waarin Martin Margiela, vaak gezien werd als de ‘+1’ of schaduw van de groep. Hun werk zette Antwerpen en België op de kaart met een eigenzinnige, antimodale benadering: kleding voor mensen die zichzelf wilden zijn. In een tijd zonder internet of sociale media vonden ze inspiratie bij elkaar en werkten ze met de middelen die ze hadden. Vandaag is de mode sterk veranderd. Shows zijn een spektakel geworden, gedreven door influencers en constante online zichtbaarheid. Collecties worden snel gekopieerd en verschijnen kort daarna goedkoop in de winkels. Onafhankelijke ontwerpers met een uitgesproken signatuur zijn echt zeldzamer geworden.
Wanneer zij op 16 mei 2024 samenkomen voor hun grand finale, zijn ze inmiddels zestig. Hun levenslopen zijn in de tussentijd sterk uiteengegaan: carrières namen verschillende wendingen en hun perspectieven lopen merkbaar uiteen. Een sleutelfiguur in hun vroege jaren was Geert Bruloot, die hen veertig jaar eerder meenam naar een modebeurs in Londen. Zonder deze ontmoeting zouden zowel het Modemuseum als de internationale doorbraak van de Antwerpse Modeacademie mogelijk anders zijn verlopen. Toch blijft er een spanningsveld voelbaar. In zijn reflectie als schrijver signaleert Oscar dat het samenbrengen van deze uitgesproken individualisten als één groep ook een keerzijde heeft, een onderliggend gevoel van vervreemding dat in hun gesprekken subtiel naar voren komt. Grappig is het feit dat een artikel in Avenue, een reportage over de afdeling mode op de Antwerpse Modeacademie, hun alle zes (+1) door werden aangetrokken of naar verwezen, waar ze stuk voor stuk later de Zes zouden worden.
Oscar kiest ervoor om een voor een hun verhaal te laten vertellen. Hij onderbreekt ze niet, maar verweeft op subtiele wijze zijn eigen observaties door de gesprekken heen. Die aantekeningen voelen als een speelse, soms scherpe stem op de achtergrond, die het geheel verrijkt en verdiept. Wat opvalt, is hoe verschillend hun beginpunten zijn, net als hun inspiratiebronnen. Toch worden ze allemaal aangetrokken tot iets gemeenschappelijks, ieder vanuit een unieke blik. Oscar weet juist die kleine, bepalende details vast te leggen, de momenten die hen vormden en uiteindelijk richting de academie naar “De Zes” dreven. De interviews staan op zichzelf, maar vormen gezamenlijk een gelaagd en intrigerend groepsportret. Tussen verleden en heden door schetst Oscar niet alleen wie zij zijn, maar ook zijn eigen fascinatie voor hen. Dat maakt dit boek meer dan een verzameling gesprekken alleen, het heeft karakter.
Marina springt er voor mij als lezer direct uit: uitgesproken, eigenzinnig en ongefilterd. Haar oproep aan Oscar om alles op te schrijven, neemt hij letterlijk, inclusief zijn eigen gedachten. Daarnaast weet Oscar de sfeer van de academie en de bredere creatieve wereld treffend te vangen. Ondanks hun status blijven de Zes ook gewone mensen, met hun eigen onzekerheden (verwendekindjessyndroom) spanningen, teleurstellingen, liefdes en verliezen. Het meest aangrijpende is misschien wel dat Marina tijdens het schrijfproces ziek werd en overleed. Dat geeft dit boek een extra emotionele lading, zeker in het licht van het feit dat zij, zonder het te weten, nog één keer samenkwamen.
Dit is geen boek dat je simpel kunt samenvatten: je moet het ervaren. Luisteren naar wat zij Oscar vertellen of zeggen, en het is aan de lezer zelf om tussen de regels door het verhaal van de Zes te ontdekken.
Van 28 maart – 17 januari 2027 viert het MoMu ModeMuseum Antwerpen de 40ste verjaardag van de internationale doorbraak van de legendarische Antwerpse Zes met een grootschalige en unieke tentoonstelling. Voor het eerst wordt een officiële expo volledig gewijd aan deze Zes iconische ontwerpers, die de modewereld blijven hebben veranderd.
Voor meer info: momu.be/nl/tentoonstellingen/de-antwerpse-zes
Uitgeverij: Pelckmans
ISBN: 9789463835503
Pagina: 320
Prijs: 32,00

