Twitter

Gepubliceerd op

‘Zeg buuf,’ roept mijn buurmeisje terwijl ze olijk over de schutting hangt. ‘Heeft u dat gelezen van twitter?’
Ik doe een dappere poging om te herstellen van haar woordgebruik, ze heeft nog nooit “U” tegen me gezegd, zou ik een slechte dag hebben? Straks even in de spiegel kijken.
‘Geen idee, wat is er dan met twitter?’ vraag ik vriendelijk geïnteresseerd.

‘Twitter zegt dat ze binnenkort kan aangeven wie er depressief wordt.’
Ach, ach, zo’n meisje toch, zo naïef, gelooft ook alles. ‘Dat kan toch helemaal niet, lieve kind?’
‘Jawel,’ knikt ze heftig en haar gezicht staat ernstig. ‘Volgens een psychiater is twitter de grootste waarneming van menselijk gedrag. Voor wetenschappers die conclusies uit data willen trekken over de toestand waarin mensen verkeren is het een waar Walhalla.’
Nu draai ik me daadwerkelijk geïnteresseerd volledig naar haar toe. Is dit mijn zeventienjarige buurmeisje? Het buurmeisje dat altijd met jongens voor de deur staat te zoenen en wier vocabulair bestaat uit one-liners die bijna altijd te maken hebben met wel of niet voordrinken alvorens naar de stad te gaan? Misschien heb ik me ernstig in het lieve kind vergist.
‘Eh’, zeg ik nog steeds een beetje van slag. ‘Hoe weet je dat?’
‘Stond in de Time,’ zegt ze nonchalant alsof ze dat blad wekelijks leest. ‘Daarin staat dat ene meneer Horowits van een of ander research centrum of zo, hè hoe heette het nou ook al weer?’ Ze trekt een rimpel in haar voorhoofd en ik verdenk haar ervan haar hersens stevig aan het werk te zetten.
‘Bedoel je misschien Eric Horvitz, directeur van het Microsoft Research Redmond?’
Haar snoet straalt. ‘Ja,’ roept ze alsof ze de loterij gewonnen heeft. ‘Die bedoel ik. Heeft u het ook gelezen? Nee? Nou ja, in ieder geval, die vent wil allerlei wetenschappers die depressies willen opsporen op basis van Twitter, gaan helpen.’
‘Maar hoe dan?’
‘Nou, dat doen ze onder andere met kunstmatige intelligentie en…
‘Kunstmatige intelligentie? Wat is dat?’
‘Eh, hoe zat het ook al weer?’ mompelt ze en staart even voor zich uit voordat ze knikt. ‘O ja, het draait allemaal om analyseren en automatiseren van taken waarvoor intelligentie nodig is.’
‘Ik geloof dat ik het nog niet… Eh, geef eens een voorbeeld.’
‘Nou eh… bijvoorbeeld computersystemen die fraude met creditcards ontdekken. Dat is dus kunstmatige intelligentie, je stopt dus menselijke intelligentie in een computer en je laat die computer daarmee werken, snapt u?’
Met open mond staar ik dat beeldschone praatgrage meisje aan en knik.
‘Nou ja, in ieder geval, er is nu een model gebouwd dat depressies bij twitteraars kan voorspellen en in 70% van de gevallen klopt het. Dat moet natuurlijk nog verbeterd worden en daar hebben ze nu een methode voor ontwikkeld met behulp van mensen die zelf aan een depressie lijden. Ze hebben de tijdlijn van die mensen de hele tijd gevolgd, voordat ze een depressie kregen en die uitkomsten hebben ze weer vergeleken met tijdlijnen van mensen zonder depressie.’
‘En wat kwam eruit?’ vraag ik omdat ik me opeens afvraag of ik zelf misschien een depressie voel aankomen.
‘Dat mensen die een depressie gaan krijgen heel veel dezelfde woorden gebruiken.’
‘Ja duh! Dat zegt toch niets? Moet je maar eens opletten in je vriendengroep, wedden dat jullie heel veel dezelfde woorden gebruiken?’
Mijn buurmeisje schudt meewarrig haar hoofd. ‘Daar is echt wel op gelet, buuf. Nee, dit zijn natuurlijk andere woorden zoals bijvoorbeeld anxiety, severe, appetite, suicidal, nausea, nervousness, attacks, episodes, en ga zo maar door.’
‘Tjonge,’ zeg ik en draai me weer een beetje terug op mijn stoel. ‘Het is toch wat allemaal. Maar voorlopig nog wel de ver van mijn bed show.’
‘Wat bedoelt u, buuf?’
‘Nou ja, ik bedoel maar, dit speelt allemaal in Amerika! Onze twitteraars gebruiken dat soort woorden niet.’
Mijn buurmeisje kijkt me aan alsof ik ter plekke gek geworden ben. ‘Hoe komt u daar nou bij, natuurlijk gebruiken onze twitteraars die woorden ook.’
‘Maar dat onderzoek is gebaseerd op Engelse woorden, dus dan geldt het niet voor ons.’
Het gezicht van mijn buurmeisje vertrekt, eerst ongelovig, dan glimlacht ze toegevend. ‘Ach, buuffie toch,’ zegt ze met een stem waar teleurstelling in doorklinkt voordat ze zich van de schutting laat vallen en mij verbluft achterlaat.
Opeens ben ik er nerveus van, angstig ook en ik voel een aanval van eetlust opkomen die ik streng wegdenk omdat ik mezelf wat aandoe als ik weer zo’n periode op dieet moet.
Ik heb twitter niet nodig, ik voel een depressie opkomen.

Geschreven door

Contact Info

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.